lees mee . . .
Kundalini & trauma
Waarom trauma niet alleen in je hoofd zit
Steeds meer mensen voelen dat spanning zich niet alleen in hun hoofd afspeelt, maar ook in hun lichaam. Bij trauma is dat vaak nog duidelijker merkbaar. Wat iemand heeft meegemaakt, kan invloed blijven houden op hoe veilig, ontspannen en aanwezig iemand zich voelt in het dagelijks leven.
Trauma kan blijvende mentale, fysieke en emotionele gevolgen hebben, en veel reacties na een schokkende gebeurtenis zijn in eerste instantie normale stressreacties.
Wat trauma met het lichaam kan doen
Trauma is niet alleen een herinnering aan iets wat gebeurd is. Het kan ook zichtbaar worden in hoe je lichaam reageert. Sommige mensen merken dat ze snel schrikken, gespannen zijn, slecht slapen, moeilijk kunnen ontspannen of voortdurend alert blijven. Dat past ook bij PTSS, waarbij verhoogde waakzaamheid en spanning veelvoorkomende klachten zijn.
Niet iedereen met trauma ontwikkelt PTSS, maar trauma kan wel maken dat het lichaam als het ware sneller gevaar blijft signaleren, zelfs wanneer dat gevaar er op dat moment niet meer is.
Mensen kunnen na trauma onder meer angst, boosheid, somberheid, concentratieproblemen en slaapproblemen ervaren; bij veel mensen nemen die reacties na verloop van tijd af, maar soms blijven ze aanhouden.
Wat gebeurt er in je lichaam?
Je autonome zenuwstelsel helpt je lichaam voortdurend reageren op wat er om je heen en in je gebeurt. Twee systemen spelen daarin een belangrijke rol.
Een gezond systeem kan tussen beide toestanden bewegen.
Oké, maar wat heeft dit met trauma te maken?
Bij trauma kan het moeilijker worden om soepel te schakelen tussen activering en ontspanning. Het lichaam blijft dan sneller in een staat van paraatheid. Dat is niet “aanstellen” of zwakte; het is vaak een beschermingsreactie van een systeem dat geleerd heeft alert te blijven. Bij PTSS zijn juist die arousal- en reactiviteitsklachten, zoals gespannenheid, schrikachtigheid en slaapproblemen, kenmerkend.
Dat is ook waarom alleen begrijpen met je hoofd soms niet genoeg voelt. Je kunt rationeel weten dat je veilig bent, terwijl je lichaam daar nog niet direct in meegaat.
Je hoofd kan weten dat het voorbij is.
Je lichaam kan nog steeds reageren.
Praten over wat je hebt meegemaakt kan helpen om ervaringen te begrijpen, patronen te herkennen en betekenis te geven aan wat er is gebeurd. Psychologische traumabehandeling kan daarin belangrijk zijn.
Toch ervaren sommige mensen iets opvallends: rationeel begrijpen ze zichzelf steeds beter, maar lichamelijk voelen ze nog steeds spanning, onrust of afstand.
Ik weet waar het vandaan komt.
Je kunt begrijpen waarom je reageert zoals je reageert. Je kent je patronen. Je weet welke ervaringen invloed hebben gehad.
...kan iets anders laten voelen.
Je schouders blijven gespannen. Je adem zit hoog. Je schrikt snel, blijft alert of merkt dat écht ontspannen moeilijker is dan je zou willen.
Je hoeft niet nóg beter te begrijpen waarom.
Soms ontstaat de behoefte om ook te ervaren wat er in je lichaam gebeurt.
Daar kan Kundalini een andere ingang bieden.
Niet door het verleden opnieuw te analyseren, maar door aandacht te brengen naar wat je nu in je lichaam ervaart.
Met muziek, lichaamsbewustzijn, aanwezigheid en ruimte voor wat zich aandient, nodig ik je uit om uit het denken te zakken en opnieuw contact te maken met je lichaam.
en wat heeft het nu nodig?”
Daarom begint lichaamsgericht werken voor mij niet bij hoe diep we kunnen gaan, maar bij:
Je hoeft niet te kiezen tussen begrijpen en voelen.
Soms mogen ze elkaar juist aanvullen.
Mijn persoonlijke noot
Ik schrijf hierover niet alleen vanuit mijn werk, maar vooral ook vanuit mijn eigen ervaring. Ik heb zelf PTSS gehad en weet hoe ontregelend het is wanneer je hoofd ergens allang begrijpt dat je veilig bent, terwijl je lichaam daar nog niet vanzelf in meegaat.
Therapie heeft mij veel gebracht. Het hielp me begrijpen wat ik had meegemaakt, patronen herkennen en woorden geven aan wat er in mij gebeurde. En toch merkte ik dat begrijpen alleen voor mij niet hetzelfde was als het ook voelen in mijn lichaam.
Mijn hoofd kon weten dat het gevaar voorbij was, terwijl mijn lichaam nog alert bleef. Alsof een deel van mij nog steeds op de uitkijk stond. Juist daar vond ik in Kundalini iets wat ik tot dan toe had gemist: een manier om niet nóg meer te analyseren, maar mijn aandacht naar mijn lichaam te brengen en te ervaren wat daar gebeurde.
Voor mij werd Kundalini daardoor geen vervanging van therapie, maar een andere ingang. Waar ik in therapie veel leerde begrijpen, leerde ik tijdens lichaamsgericht werken steeds meer voelen. Ik hoefde niet alles uit te leggen of op te lossen. Ik mocht ervaren, vertragen en opnieuw ontdekken hoe het voelde om aanwezig te zijn in mijn eigen lichaam.
Dat heeft ook gevormd hoe ik nu zelf sessies begeleid. Ik weet uit eigen ervaring dat intensiteit niet hetzelfde is als vooruitgang. Zeker wanneer iemand veel heeft meegemaakt, vind ik veiligheid, afstemming en ruimte om te stoppen of te vertragen belangrijker dan zo diep mogelijk gaan.
Voor mij was Kundalini de plek waar ik niet alleen leerde begrijpen wat er met mij was gebeurd, maar ook opnieuw leerde luisteren naar het lichaam dat het had meegemaakt.